Levenswerk

Als laatste nog twee vragen:

Waarom doe je dit werk?
Welke dingen bezie je positief en welke negatief?

"Waarom ik het doe heb ik mezelf al vaak afgevraagd. Ik had een probleemloos leven kunnen hebben. Behalve de jongste zijn mijn kinderen opgegroeid en Maynard heeft een vaste en zekere baan.
Waarom dus?
Ondanks moeilijkheden en teleurstellingen geloof ik in het goede in de mensen. Ik geloof, dat je als mens en als christen de taak hebt je om je medemens te bekommeren.  De mensen en kinderen, die ik geholpen heb, gaat het daarna hopelijk wat beter. Ook als de hulp maar een druppel op de gloeiende plaat is moet men het daarom niet nalaten. Zeker is dat niet alles even geslaagd is geweest, maar ik heb er geen moment spijt van gehad. Alles heeft een functie vervuld. De naaischool bijvoorbeeld, was een fijne zaak, die ik graag zelf voortgezet had. Ook de verzorging van de kinderen beschouw ik als een succes, het doet je goed te zien hoe ze opbloeien. De bezoeken in de gevangenis stellen me ook in de gelegenheid om te helpen en het lot van de gevangenen doet me beseffen hoe goed wij het hier hebben. Tegenover adopties sta ik positief, daar ouders en kinderen samen gelukkig worden.
Daartegenover staan ook negatieve zaken:
De vaak zo moeilijke verhouding met de officiële instanties. De onverschilligheid van veel mensen ten opzichte van armoede en nood van hun medemensen. Het onbegrip voor mijn werk en mijn motieven daarvoor. Verdachtmakingen en soms zelfs tegenwerking van het eigen personeel. Niet iedereen is sociaal bewogen, velen werken alleen voor eigenbelang. Dat maakt het werk niet altijd even makkelijk."

Samenvattend:

Jeanne Tumewu was een bewonderenswaardige vrouw. Met al haar kracht zette ze zich in voor de belangen van haar medemens. In alles bleek ook dat ze de Indonesische samenleving met haar normen en waarden tot in de puntjes kende, maar ook begrip op kon brengen voor de westerse mentaliteit.

Jeanne was bepaald geen engelachtig, bovenaards wezen, maar een mens van vlees en bloed met idealen, die tegelijkertijd met beide benen in de werkelijkheid stond.

Het voorgaande verhaal geeft een globaal overzicht van het werk van Jeane Tumewu. Als u dat verhaal leest lijkt het onvoorstelbaar dat een persoon zoveel zaken kan doen in zijn leven. Daarbij moet u bedenken dat niet alles genoemd is in dit verhaal. Wij weten ook niet alle werkzaamheden die Jeanne in het verleden heeft gedaan. Hieronder volgen enige zaken die wij van haar uit brieven en gesprekken te weten zijn gekomen.

Jeane heeft voor verscheidene Indische mensen, die in Nederland wonen, graven verzorgd in Jakarta.

Zij heeft voor veel mensen de papieren verzorgd zodat zij het Nederlanderschap konden krijgen. Dat was vaak een moeilijke zaak, vooral als de mensen, door oorlogsomstandigheden hun papieren kwijt waren geraakt. Ook bood zij hulp aan Nederlanders, die voor vakantie of voor hun werk in Indonesië verbleven en in de problemen kwamen als zij hun paspoort kwijt waren geraakt.

Door haar bezoeken aan de gevangenis kwam bij haar het idee op om als deze mensen uit de gevangenis ontslagen werden, ze aan een baan te helpen.

Een groep bejaarden (vaak Indische mensen) kreeg maandelijks financiële steun. Vaak komt het voor dat deze mensen geen pensioen ontvangen of een zeer laag pensioen.

Bij natuurrampen zoals overstromingen en aardverschuivingen ging Jeane kleding en voedsel brengen ook al was dat honderden kilometers ver. De kleding die vanuit Nederland door mensen werd meegenomen of werd meegegeven stond daarvoor opgeslagen. Als er in een kampong problemen waren door overstromingen of door brand werd deze kleding uitgedeeld.

Tot aan 1983, toen de adoptiestop werd afgekondigd, organiseerde Jeane de adoptieprocedure in een land waar men in principe geen voorstander was van adoptie. Er was veel lef en moed voor nodig om constant de officiële instanties te trotseren en door te gaan met adopties.